Voortplanting
Al van begin maart spreiden de mannetjes hun verleidingstechnieken tentoon. Een of meerdere mannetjes huppen met gespreide vleugels rond een vrouwtje. Onder luid getsjilp trachten ze op deze manier het vrouwtje te overtuigen om hun partner te worden. Als ze echt op dreef zijn, worden de vleugels iets opgeheven, pronken ze met hun zwarte bef en bewegen ze hun kopje hevig op en neer. Hoe groter de huismussenkolonie hoe heviger de mannetjes dit gedrag vertonen, hoe kleiner de kolonie hoe minder ze geprikkeld worden om extra hun best te doen.
Huismussen bouwen met behulp van droge stukjes gras een vrij slordig, ovaal tot bolvormig nest. De binnenzijde wordt gevoerd met veren. Het nest bevindt zich goed verborgen in dichte hagen of heggen. Zijn deze niet aanwezig dan krijgen openingen onder dakpannen of gaten in muren de voorkeur. Vaak zal de Huismus pas als laatste optie een broedpot of mussenappartement als nestlocatie uitkiezen.
Legtijd: van april tot augustus. Tot enkele jaren geleden werden vaak tweede of derde broedsels gemeld. Tegenwoordig worden deze minder opgemerkt. Legselgrootte: Er worden gemiddeld 3 tot 5 eieren gelegd. Het vrouwtje bebroedt die 12 tot 14 dagen. Na 15 dagen door beide ouders met insecten gevoederd te zijn, verlaten de jongen het nest.

