Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

Resultaten Mussentelweekend

Het Mussentelweekend wordt al sinds 2002 ingericht. Dit leverde over de jaren heen meer dan 5.000 individuele tellingen op. Uit deze tellingen valt op dat een overgroot deel van de mussenkolonies eerder klein is. Op plaatsen waar nog kolonies broeden, zijn er meestal minder dan 10 Huismussen aanwezig. Vooral in grote steden is dit effect duidelijk. Uit de analyse van de tellingen blijkt dat er zelden nultellingen worden doorgegeven. Het is echter zeer belangrijk om te weten te komen waar de Huismussen niet (meer) voorkomen. Alleen op deze manier kan bekeken worden hoe het effectief met de aanwezigheid van de Huismus is gesteld.

Op bovenstaande kaart is evenees het verband te zien tussen het aantal personen dat een telling doorgaf en de bevolkingsdichtheid. Dit in rekening genomen, gebeurden er nog aanzienlijk minder tellingen in Limburg en West-Vlaanderen dan in de driehoek Antwerpen-Gent-Brussel.

Hoewel er jaarlijks veel personen meewerkten aan het Mussentelweekend blijkt dat slechts minder dan 5% van de deelnemers minstens twee maal zijn tellingen invoerde. Dit maakt het moeilijk om te onderzoeken of een bepaalde kolonie verandert gedurende de jaren. Bij deze doet Vogelbescherming Vlaanderen dus een warme oproep om ieder jaar opnieuw jouw resultaten in te voeren via het telformulier

Lees hier het volledig verslag dat werd opgesteld na de verwerking van de telgegevens van de periode 2002-2006.